De euro als officiële munteenheid
De euro is de officiële munteenheid van 21 EU-landen, die samen de eurozone (of het eurogebied) vormen.
Sommige EU-landen voldoen nog niet aan de voorwaarden om toe te treden tot de eurozone. Denemarken heeft ervoor gekozen om de eigen munt te behouden.
In de eurozone is de euro het enige wettige betaalmiddel. Dat betekent dat schuldeisers zonder een specifieke overeenkomst over het betaalmiddel verplicht zijn betalingen in euro's te aanvaarden.
Kopers en verkopers mogen echter wel onderling beslissen om andere officiële vreemde valuta te gebruiken (bv. de Amerikaanse dollar). Ze kunnen ook afspreken om privaat uitgegeven ‘geld’ te gebruiken, zoals een systeem van lokale uitwisselingen (bv. betaalsystemen op basis van vouchers) of virtuele valuta (bv. de bitcoin).
Deze private en zakelijke transacties vallen ook onder de belastingwetgeving, het ondernemingsrecht, de antiwitwaswetgeving, en aan algemene regels voor de handel in grondstoffen. Maar valuta die niet als officieel gelden in de eurozone vallen niet onder monetaire wetgeving.
De status van wettig betaalmiddel van de euro is gedefinieerd in het EU-recht, namelijk:
- artikel 128, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) over bankbiljetten
- artikel 11 van Verordening (EG) nr. EC/974/98, over euromunten
Digitale euro
De Europese Centrale Bank werkt samen met de nationale centrale banken van de eurozone aan de mogelijke uitgifte van een digitale euro. De digitale euro zou een openbaar digitaal betaalmiddel zijn dat overal in de eurozone zonder extra kosten beschikbaar is. Het zou een aanvulling vormen op bankbiljetten en munten, door mensen een extra keuze te geven voor hun dagelijkse betalingen.